07-05-11

The Good Pub Guide

Wie op vakantie gaat naar Engeland moet eigenlijk maar twee dingen kopen om verzekerd te zijn van een leuke vakantie: een Goldeneye kaart van de regio en de meest recente Good Pub Guide.

De Good Pub Guide, een verschijnsel waar wij Vlamingen trouwens zéér jaloers op zouden moeten zijn, is een werk dat al sinds 1983 verschijnt en dat, gegroepeerd per county, de allerbeste pubs opsomt. Daarbij vermeld het een aantal nuttige gegevens zoals openingsuren en of kinderen al dan niet welkom zijn, maar geeft het ook van elke pub een korte beschrijving: de atmosfeer, het eten, de kwaliteit van het bier en de wijn, en soms ook een beetje geschiedenis. Hij verleent awards aan pubs die uitblinken op een bepaald vlak (keuken, overnachting, wijnkaart, de kwaliteit, het aanbod en de prijs van het bier of de prijzen in het algemeen), en geeft aan uitzonderlijke pubs een ster, soms zelfs twee. Die pubs zijn zo goed dat ze eigenlijk een toeristische bestemming op zichzelf kunnen zijn. Handige kaartjes duiden aan waar ze liggen (wij pikken er al jaren streken uit waar er véél liggen).

Press_medium.jpg

Ik kocht mijn eerste exemplaar in 1991, ga elk jaar een paar keer naar Engeland, en heb dankzij de Good Pub Guide nog nooit niet goed gegeten. Altijd was de keuken goed tot uitzonderlijk goed, het bier schitterend, en vooral de ligging of het interieur opmerkelijk. De gids heeft mij op plaatsjes gebracht waar je als gewone toerist niet komt (als de gids iets vermeld als slightly difficult to find kan je er van op aan dat zelfs een gps het noorden kwijt raakt), en in veel gevallen waren het echte pareltjes, op ongelooflijk charmante of indrukwekkende plaatsen.

De gids wordt samengesteld door zijn bezoekers, momenteel een 2000 vaste correspondenten, die melden wanneer een pub uitzonderlijk goed is (of juist niet meer). Een vast team doet dan één of meerdere anonieme inspecties en schrijft een tekst voor de gids. Alle pubs die nét niet goed genoeg waren komen terecht in de Lucky Dips sectie.

Engelse pubs kunnen schitterend zijn en ze kunnen verschrikkelijk zijn, en aan de buitenkant zie je het vaak niet (vermijd echter altijd bordjes als coaches welcome of great value food). Maar doe een kleine moeite: schaf u een exemplaar van deze gids aan (ze verouderen goed, ik koop om de vijf jaar een nieuwe) en ik garandeer u zeer mooie momenten en schitterende herinneringen. Het boek is te koop op het internet, in de Engelse boekhandels in België en in zowat elke bookshop ter plekke.

En wie ooit tegenover mij klaagt over het Britse eten, en géén Good Pub Guide heeft gekocht, ondanks mijn aanraden, zal ik uitlachen en bespotten: hij heeft het zelf gezocht !

 

 

12:34 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: good pub guide, pubs, engeland, food and drink, bier, real ale |  Facebook |

01-05-11

The Black Prince

Er zijn in de geschiedenis van Engeland figuren die elke Engelsman kent. Ze leren ze kennen in de geschiedenislessen en het zijn personages die het gewone zo overstijgen dat ze de fantasie van vele generaties jongetjes op hol hebben gebracht, er werden verhalen en boeken over hen geschreven, en ze maken zo deel uit van een collectief geheugen van een volk. 

The Black Prince was de oudste zoon van Edward III, de grote overwinnaar en held van de Slag bij Poitiers in 1536 toe hij de Franse koning gevangen nam, én één van de grootste strijders en militaire leiders die Engeland ooit kende, en de verpersoonlijking van het hoofse ridderideaal, kortom een "held". Hij was ook een wreed man met een enorm misprijzen voor het gewone volk, uitermate arrogant, en de man die de inwoners van Caen en Limoges, vrouwen en kinderen incluis, liet ombrengen, in een dagenlange orgie van moord, plundering en verkrachting.

De naam Black Prince ontstond pas in de 16de eeuw en in zijn tijd was hij bekend als Edward van Woodstock, naar de plaats waar hij geboren was. Zijn moeder was Philippa van Henegouwen, zijn vader Edward III, koning van Engeland van 1327 tot 1377, en zijn faam begon tijdens de slag om Crécy, in 1346, toen hij 16 jaar was. Jean Froissart, tijdgenoot en geschiedschrjver, schrijft hoe Edward in het hoogtepunt van de slag een vraag om hulp kreeg van de edelen die zijn zoon begeleidden. Hij antwoorde dat hij geen hulp zou sturen zo lang zijn zoon nog leefde. "Laat hem zijn sporen verdienen, want indien God het zo wilt, wil ik dat deze dag zijn dag is, en dat de eer van deze dag naar mijn zoon gaat en naar degenen die naast hem vechten". Froissart beschrijft verder hoe hij ruiters ten val brengt, paarden doorsteekt, helmen en speren breekt, slagen afweert en gevallen medestrijders terug overeind helpt, en een voorbeeld was voor allen. Na afloop verleende zijn vader hem de sporen en zijn carrière begon.

Voor Engeland begon een periode van grote bloei en militair overwicht en de prins vocht zij aan zij met zijn vader tegen de Fransen en de Spanjaarden, overwinning na overwinning aan elkaar rijgend, culminerend in de slag van Poitiers. De onafhankelijke carrière van de prins begon in Gascogne, in 1355, dat toen nog aan de Engelse koning toehoorde, maar waarop de Franse koning een oogje had. Op zichzelf kon Gascogne niet weerstaan aan het Franse leger, en Edward III stuurde er zijn zoon op af. De Zwarte Prins paste er een nieuwe strategie toe, die van de chévauchée, waarbij het niet zozeer de bedoeling was om te vechten als wel om het economisch weefsel van een samenleving te vernietigen zodat de tegenstander zijn soldaten niet meer kon betalen en zijn bevolking niet meer voeden. Gesteund door de edelen en ridders van Gascogne trok hij acht weken door Toulouse, de Armagnac en de Languedoc, waarbij hij ondermeer Carcassonne en Narbonne in de as legde. In november keerde zijn leger beladen met buit terug naar huis en de prins werd enorm populair in Engeland. 

 

looting-soldiers-fowler.jpg

soldaten plunderen een huis

 

In 1356 keerde hij terug, maar richtte zich deze keer op de Périgord, de Limousin, La Marche, Berry en het hart van Frankrijk. In de Loire liep hij echter vast op de vernietigde bruggen  met een veel groter Frans leger in de achtervolging. In Poitiers ontmoette het Engelse leger, uiteindelijk maar zo'n 6 à 7000 man groot het veel grotere Franse leger, geschat op 16.000 manschappen, en geleid door de Franse koning en de fleur van het Franse ridderkorps. Tot ieders verbazing werden de Fransen verpletterd en werd koning Jean II gevangen genomen. Hij werd naar Engeland gevoerd en kon zich vrijkopen met een prijs van 3 miljoen gouden kronen en een stevige uitbreiding van Aquitaine, dat vanaf nu de Zwarte Prins als bestuurder kreeg. Zijn kunde als strateeg leidde nog tot een paar overwinningen tegen Castilië, maar zijn spilzucht en zijn arrogantie begon onrust te veroorzaken in Aquitaine. Hij werd als leenman ontboden door de Franse koning, en dit was zijn antwoord:

Sirs, we will gladly go to Paris to our uncle, since he has sent this to us: but I assure you that we shall have our bascinets (een soort helm) on our heads and sixty thousand men in our company.

looting.jpg

Ondertussen had Frankrijk een nieuwe koning, Charles V, die als vechter veel minder sterk was, maar die een groot diplomaat was, een begaafd politicus en een veel intelligenter man. De prins was ondertussen ouder geworden, zwaar ziek (men vermoed MS) en in 1376 keerde hij terug naar Engeland waar hij op 8 juni overleed. Eigenaardig genoeg was zijn dood een schok in adellijke middens en werd er zowel in Frankrijk als Engeland om hem gerouwd. Hij was dé verpersoonlijk van het hoofse ridderideaal, dat uiteindelijk voor beide partijen gold, en het leed van de boeren en de gewone mensen werd als irrelevant beschouwd, en het klinkt vreemd nu, maar het was te vergelijken met de dood van Elvis Presley of Michael Jackson.

canterbury_-_black_prince.jpg

Zijn begrafenis, in Canterbury, op 15 oktober 1376, was dan ook een media-event van de grootste orde, tot in de details gepland door de prins zelf toen die zijn einde voelde naderen. De prins had zelf het hele scenario geschreven en wou absoluut als laatste rustplaats de kathedraal van Canterubry waarvoor hij zijn hele leven lang een boontje had, getuige de vele giften. Hij ligt er nog steeds, zij het niet op de plaats waar hij wou, in de cripte, maar wel in de Trinity Chapel.. Boven zijn indrukwekkende graf hangen replica's van de zaken die werden meegedragen in zijn begrafenisstoet (zijn helm met wapen, een schild, zijn borstjak met wapen, twee handschoenen en de schede van zijn zwaard). Nog straffer is dat even verderop ook nog de originelen hangen, vergaan van kleur en uitenvallend, maar origineel.

 

 

21:47 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: engeland, canterbury, black prince, chévauchée, poitiers, crécy |  Facebook |

28-04-11

Widecombe-in-the-Moor, Devon

Het blijft voor mij één van de mooiere uitzichten van Devon: de weg loopt een tijdje op het plateau van Dartmoor, in een desolaat landschap met schapen en links en rechts een tor, en duikt dan plots naar beneden, een lieflijke vallei in, waar je een enorme kerktoren ziet in een eigenlijk erg klein dorpje. Dat is Widecombe-in-the-Moor, 600 inwoners groot,en het centrum van leven voor een grote en erg dunbevolkte streek.

Dartmoor is al bewoond sinds de vroege prehistorie maar allerlei factoren dwongen de bewoners weg van de hoogvlakte en de valleien in. Vandaag is het heel bekend, één van de bekendste van Engeland, en de folksong Widecombe Fair is een classic voor de gemiddelde Engelsman. Het kan er tijdens het toeristenseizoen aardig druk zijn, en er wordt al eens een bus dagjesmensen gedropt, maar ik vond het altijd aardig en een bezoek waard. Een mooie kerk, een goede pub, een beetje geschiedenis en een tourist shop om de dorst naar souvenirs en ijsjes te lessen...

De grote kerktoren is die van St. Pancras, beter bekend als de Cathedral of the Moor. De kerk is laat 14de eeuws, in de Perpendicular stijl (een soort hooggotiek), en lijkt  vandaag veel te groot en ruim voor zo'n klein dorp. De parochie bestrijkt echter een groot gebied, in het verleden tamelijk rijk door de wol en door tin, en daarom bouwde men er in de 16de eeuw ook een grote toren tegenaan met vier kleine spitsen. Binnenin is ze tamelijk sober, maar er zijn zoals altijd in Engeland een paar leuke details te zien. Op één van de zuilen (de derde vanuit het oosten, boven de communiebanken) kan je drie hazen zien die samen een driehoek vormen. Het is beeldtaal die ons vandaag onduidelijk is, maar ze slaan op de Heilige Drievuldigheid, en mijnwerkers uit Dartmoor gebruikten het symbool vaak (een haas is een slim en snel beest).

A. aetat:VIXIet obIIt sVperI }

Maria gaLe IohannIs LforD Vxor tertI

obit eX pVerperIo Erectum fuit A. 1650

Het grafmonument van Mary Elford, overleden in 1643, twee maanden na de geboorte van haar tweeling, werd pas acht jaar later opgericht door haar weduwnaar. Het is interessant om er even naar te kijken omdat het net zoals veel monumenten uit die tijd ook een paar verborgen verhalen heeft. Zo bevat het ondermeer een anagram en twee chronogrammen, ooit heel duidelijk voor de lezer uit die tijd, maar voor ons niet langer opvallend. Het anagram vind je terug halverwege de tekst: MARY ELFORD - FEAR MY LORD dat ontstaat door de letters van haar naam in een andere volgorde te plaatsen. In de drie onderste regels staan sommige letters als hoofdletter afgebeeld, zonder duidelijke reden, maar ze zijn tegelijk ook Romeinse cijfers en kunnen ook als dusdanig gelezen worden. Als je die van de eerste lijn optelt krjg je het cijfer 25, Mary's leeftijd toen ze overleed. De onderste twee vormen samen 1642, het jaar van haar overlijden.

Op een broeierige zondagmiddag kreeg de eigenares van een pub in Poundsgate, een mijl of vier van Widecombe, het bezoek van een ruiter die naar een pint ale vroeg. Toen hij er van dronk zag de bazin hoe het bier begon te borrelen en te stomen toen hij het door zijn keelgat goot. Later hoorde ze hoe die namiddag in Widecombe een ruiter was gearriveerd, die tijdens de kerkdienst met zijn paard op de toren sprong en zag hoe een parochiaan lag te slapen tijdens de preek. Hij sleepte hem uit de kerk, gooide hem op zijn paard en ging ervan door met de ongelukkige. Bij het afstoten gooide hij één van de spitsen omver, en met donder en bliksem verdween hij in het landschap. Op slag wist de landlady wie ze die namidag op bezoek had gehad...

Op 21 oktober 1638 werd St Pancras tijdens de preek van Revd. George Lyde getroffen door de bliksem. Eén van de vier grote spitsen brak af, en viel door het dak in de kerk. Tegelijkertijd trok een grote bolbliksem door het gebouw, een spoor van vernieling achter latend. Vier mensen overleden ter plekke, anderen overleden later aan hun verwondingen. Je vind sommige van hun graven nog terug in de kerk. Dit toen quasi onbegrijpelijke natuurverschijnsel veranderde al snel in een pittig verhaal, dat lang de ronde deed in de herbergen van de streek.

 

widecombe.png

 

Nog een interessant gebouwtje op het plein is het Church House, nu eigendom van de National trust, en daterend uit 1540. Het was toen eigendom van de parochie en werd oorspronkelijk gebruikt als parochiehuis, maar ook om er bier te brouwen bij allerlei feestdagen, zodat de opbrengst niet langer naar de lord of the manor ging, maar naar de kerkgemeenschap. Het werd later een armenhuis en een school, tot de gemeente het schonk aan de NT.

Van al die geschiedenis krijg je honger en dorst, en die duivel van daarstraks drinkt in Poundsgate, dus kan je best terecht in de Rugglestone Inn, die je vindt door aan Church House links in te draaien. Omdat ze een beetje weg ligt van het centrum en tamelijk klein is komen er geen busladingen toeristen, en de pub blijft, en ik vind dat heel belangrijk, ook een echte local waar ook de inwoners nog een pint komen achteroverslaan. Je kan er ook lekker eten en de real ale is er uitstekend en wordt nog getapt uit houten vatjes achter de toog. Je kan in de tuin zitten, aan een klaterend beekje, en in het weekend is de pub de hele dag open. Kinderen zijn welkom in de tuin en het eetgedeelte, niet aan de toog.

 

DSC02074.JPG

 

Als het hier echt te druk is, zijn er een paar alternatieven in de buurt: de prachtige Rock in Haytor Vale en de Warren House in Postbridge. De bussen zouden hun hongerige ladingen afzetten in de Old Inn, op de weg naar Bovey Tracey, maar naar het schijnt is de pub wel ok. Uw commentaar is welkom, mocht u er ooit verzeild geraken !

 

 

06:31 Gepost door Erik De keersmaecker in Blog, Reizen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: engeland, pubs, kerken, dartmoor, grafmonumenten, toerisme |  Facebook |