01-08-11

The Hogwarts Express, Red Dust in Goathland en Sleeping in Appleton-le-Moors. York, 27 mei 2011.

Na al die theologie en die griezelverhalen weer tijd voor wat echte ontspanning, en daarmee bedoelen wij dan PUBS ! En omdat ééntje geentje is gingen wij eerst op zoek naar een aperitief.

Die vonden we in één van de kleinste pubs van Engeland, de Birch Hall in Beck Hole. Eén van de leuke dingen aan de Good Pub Guide is vaak niet alleen de pub zelf, maar ook de weg naar de pub (ze liggen soms op de gekste en plaatsen). Het kleine weggetje naar Beck Hole is één van de mooiste die ik al gezien heb en onderweg gebeurde er iets dat alleen in Engeland kan gebeuren. Toen we het dorp naderden via Goathland, een ander dorp, en een eeuwenoud stenen bruggetje wilden overrijden begon één van onze medereizigers plots enthousiast te piepen en te wijzen, hoorden we de fluit van een stoomlocomotief en seconden later daverde er een werkende stoomlocomotief onder het bruggetje door, slierten stoomwolk achter zich latend. Achter de bocht lag het station van Goathland, één van de stopplaatsen van de NYMR (North Yorkshire Mors Railway), een nog met stoomlocomotieven werkende toeristische lijn tussen Pickering en Whitby. "Harry Potter" riep iemand uit toen hij het zag, en inderdaad, sommige van de scenes met de fameuze Hogwarts Express (de Zweinsteinexpress) werden hier gefilmd. Typisch Engels, je komt van een drukke weg, rijd het platteland in en vijf minuten later rijd je door een filmset...Hier vind je er alles over (en bekijk zeker het filmpje, om goesting van te krijgen!).

 

DSC03000.JPG

 

DSC03004.JPGDe Birch Hall Pub is café, dorpswinkel en postkantoor, en bestaat uit een tuin, twee kleine barretjes en de winkel. Alhoewel er zeker al een gebouw stond in 1600 functioneert het gebouw als pub sinds de vroege 19de eeuw. De huidige eigenaars zitten er sinds 1981 toen ze het overnamen van Mrs Schofield die ze 50 jaar had opengehouden. Het is één van de leukste kleine pubs die ik ken, zeer gezellig en met een bijzondere atmosfeer. Wij zaten in de Big Bar (drie tafeltjes), maar in de Little Bar (geen tafeltjes), één van de kleinste barretjes van Engeland, wordt geregeld gewed hoeveel mensen er nu eigenlijk in kunnen: het huidige record is 30 "and two very small dogs". Dit is hun website.

birch hall record.jpgWe dronken hier een Red Dust van de Consett Brewery, en reden dan dieper de Moors in, op weg naar The Moors Inn, in Appleton-le-Moors, waar we zouden overnachten. De straat waar de pub in ligt, ligt midden in de Moors, en dat wil dus zeggen loslopende schapen, zo ongeveer overal, op de stoep, aan de huizen, tegen de auto's, overal. De pub zelf heeft heel eenvoudige kamers, goede real ale, een stevige plattelandskeuze (calfs liver in a rich gravy sauce for me) en een beperkte whiskykaart, die wij volledig testten. Voor wie iets meer verfijning wenst heeft de eigenaar ook het Kings Head Hotel in Kirkbymoorside. je vind meer info hier.

 

Image0144.JPG

 

 

 

 

21:40 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: york, yorkshire, pubs, real ale, hogwarts express |  Facebook |

25-06-11

Een terrasje met stijl en een eenzame leeuw. York, 27 mei 2011.

Na het schitterende ontbijt in de Star Inn (zie vorig blogbericht) werd het tijd om de benen te strekken en er toch minstens één dessertje (van de tien) af te wandelen, en wat is daar beter voor dan een mengeling van wat cultuur, geschiedenis en natuur. Wij reden dus naar Rievaulx, waar een abdijruïne en een tuin op ons lagen te wachten. 

Rievaulx Abbey ligt niet ver van Helmsley, een aardig marktstadje waar wij niet konden stoppen, maar dat de moeite leek (iets voor volgende keer). 12 Cisterciënzers uit Clairvaux stichtten de abdij in 1132, ver afgelegen van de bewoonde wereld om te kunnen weerstaan aan diens verleidingen, en in het noorden, waar de abdij een spiritueel centrum moest zijn aan het einde van de bewoonde wereld (wie verder door reisde kwam terecht bij de Schotten!). De Cisterciënzers droegen het ora et labora (bid en werk)-ideaal zeer hoog en de abdij groeide snel uit tot een groot domein, waar lekenbroeders met lood- en ijzerwinning en het telen van schapen voor de wol het geld verdiende dat toeliet dat de koormonniken zich concentreerden op het geestelijke. De abdij werd daar rijk van, rijk genoeg om op een bepaald moment niet minder dan 140 koormonniken (die nooit fysieke arbeid verzetten) te hebben, met bezittingen en dochterabdijen over heel het noorden en zelfs in staat te zijn om te gaan speculeren op de wolopbrengsten. 

In de 14de eeuw maakten de pest, invallen van de Schotten en een mysterieuze schapenziekte een einde aan de groei, maar het duurde nog tot 1538 vooraleer Henry VIII het klooster afschafte en de kloosterlingen met een pensioentje de wijde wereld in stuurde. Hij liet alle kostbaarheden weghalen, liet het lood verwijderen van de daken (het werd gesmolten en in grote blokken gegoten om te worden doorverkocht) en gaf het gebouw vervolgens aan één van zijn vrienden, in dit geval de graaf van Rutland, die delen ervan liet slopen om met het materiaal nieuwe huizen te bouwen. Zijn afstammelingen, de Duncombe familie, zou het later herwaarderen als romantische ruïne.

DSC02978.JPG

Rievaulx Abbey is eigendom van English Heritage en dat wil zeggen dat je een uitgebreide rondleiding kan verwachten met een hoofdtelefoon, en ik kan dat iedereen aanraden, het is zeer leerzaam en geeft een heel goed idee van de omstandigheden waarin de monniken leefden. 

Een bezoek is echter niet volledig als je niet ook de buur bezoekt, Rievaulx Terraces, eigendom van de National Trust, en eigenlijk gelegen boven de ruïnes. In de 18de eeuw was de Duncombe-familie eigenaar van Duncombe Park in Helmsley, dat je vanop de weg terug kan zien liggen, én van de ruïnes van de abdij, en rond die tijd was er een grote fascinatie gegroeid voor het verleden. Dat uitte zich in ondermeer in grote landschapstuinen, goed voorzien van tempels en grotten om ze er "klassieker" te doen uitzien, maar waarin het ook erg modieus werd om een al dan niet echte ruïne in te bouwen in het parklandschap. De Duncombe's hadden er eentje en dan nog wel één van de mooiste, en de familie bouwde hier dus een tuin uit, versierd met twee klassieke gebouwen, standbeelden, en een reeks indrukwekkende vista's op de abdijruïnes. De famile bracht vrienden en kennissen waar ze indruk op wilden maken te paard naar hier, waarna ze picknickten in het paviljoen dat een complete keuken in de kelder had, gevolgd of voorafgegaan door een wandeling langs de zorgvuldig uitgestippelde paden en terrassen.

 

DSC02987.JPG

Na deze "overdosis" cultuurlandschap was het echter tijd voor een stukje van de real thing en we reden het North York Moors National Park in. 

"Everywhere peace, everywhere serenity, and a marvellous freedom from the tumult of the world."

Aelred, abt van Rievaulx Abbey, 1142-1167.

Dit grote National Park is zeer de moeite waard en wij zouden er de volgende dagen nog heel wat in rondrijden, steeds weer met prachtige vergezichten. Het is een wandelparadijs, maar daar hadden wij dit jaar geen tijd voor, en na deze visuele prikkels was het verlangen naar focus groot, en daarom focusten wij ons weer eens even op eenvoudige dingen,

 

Image0143.JPG

die we terugvonden in de bekendste pub van de Moors, de Lion Inn, in Blakey Ridge. Deze 16de eeuwe herberg, waar je kan eten en overnachten, ligt op het hoogste punt van de Moors, met mooie vergezichten op de valleien van Rosedale en Farndale. Er wordt hartig voedsel geserveerd voor wandelaars op zoek naar calorieën en wij wierpen ons op de game pie en de steak & stilton burger, beiden niet te versmaden maar in zeer ruime porties. Het bier is van topkwaliteit, en we dronken er voor de eerste maal Old Peculiar van Theakston's, één van de lekkerste real ale's van Engeland. Voor 46 pond hadden we met zijn vieren overvloedig gegeten en gedronken, en de prijzen zijn dan ook zeer ok. De kamers zijn eenvoudig maar proper en eveneens niet duur. In de winter kan uw verlof overigens wel onverwacht langer uitvallen dan u dacht, in december 2010 werden twee gasten en zes personeelsleden er acht dagen gegijzeld door de sneeuw.

 

 

10:42 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: york, abdijruïnes, pub, real ale, cisterciënzers |  Facebook |

18-06-11

The Star Inn, Harome, Black Pudding and Foie Gras. York, 26 may 2011.

I will allways remember my first visit to a genuine British dining pub, the Dering Arms in Pluckley Station in Kent. It was for me a magical moment, with gleaming sunlight that fell through the small windows, the smell of yesterday evening's woodfire, old fishing tools and hunt-memorabilia against yellowed walls, a friendly girl behind the bar, a big pint of fresh real ale, and then, to my utmost continental surprise a delicious dish that would put many a French restaurant to shame. That day I fell in love with that wonderful combination of two things I like so much: a traditional pub in the countryside and a good restaurant. And now, on a rainy day at the end of may we arrived in Harome, to find what I consider to be the best gastropub I ever visited: the Star Inn, owned by Jacquie and Andrew Pern.

Image0141.JPG

The village of Harome is quite nice, very much Yorkshire countryside, but it was raining cats and dogs when we arrived, and we found ourselves quickly back in the pub where we conquered a corner table, ready for the thirst-quenching pint of real ale, a Black Sheep. A young waiter brought us the menu's, a bloke from the local cricket team convinced us to gamble two pounds (we lost) to support the village team, and there was the comfy and oh so human, sans pretention, warm feeling that a good pub can give. Combine this with a one-star Michelin kitchen and a very very decent wine list and we were ready for a magical evening. 

We were seated close to the kitchen, where a kitchen team worked with the silent and efficent drive of professionals. The Star Inn concentrates very much on produce from the North and does not work with fancy exported foodstuffs. Quite the contrary even, because a lot of it comes from their own farm, their own butcher in Helmsley (do you know lots of good restaurants who own a butcher ? ) and from a list of top suppliers in the area. In the cookbook by Andrew Pern he dedicates some pages to them, with Jo Campbell for the vegetables, Richard & Ronda Morritt for the asparagus, Paul Talling for the poultry and during the season for all what the hunt can produce, Alan Hodgson for the fish (directly from nearby Hartlepool) and Father Rainer Verbourg from the Benedictine Monastery for the apples. I adore this, for while I am eating I taste what surrounds me, not only the chef and his talent, but the landscape, the air and the feeling of a region. Andrew is considered to be a master in this and is absolutely briliant in combining luxury foodstuff with ordinary everyday things, but then of supreme quality.

 

DSC02962.JPG

But enough blabla for now, for what did we eat ? I was served one of the best starters of my life, a chicken liver & foie gras parfait with girolles and gooseberries, with a parfait made in heaven, I never have eaten so slow...The gooseberries were enveloped in a stuff that gave them a fantastic taste, I can't decipher my handwriting, but every one of them was an explosion of taste (white truffle ?). J. took the signature dish of Black Pudding and Foie Gras, and I rarely saw him happier at a restaurant table We took a bottle of Les Setilles, Bourgogne Blanc, Olivier Leflaive, 2008, made from vineyards in Meursault and Puligny-Montrachet, with a well defined nose with fruit and a certain minerality, and in the mouth a great fraîcheur, fine and light and elegant but capable of blending with my dish. **(*).

 

DSC02970.JPG

My main course was a woodpidgeon with peas and a mash made in heaven, but I am showing the picture of my neighbours dish, a Rare Breed Pork Rib with Seared Scallops and a brilliant risotto. By now teardrops of emotion were falling on my notes...so I can't decipher what risotto, but we were by now all in a state of culinary heaven, helped by a bottle of Jean-Baptiste Ponsot, Rully, 2008, a young and talented winemaker, with an aroma of clove and red fruit, with cooked fruit of high quality in the mouth, and supported by enough tannins and acidity, *** for me.

About the puddings, a word of warning ! They are delicious, but the English are great pudding eaters, and the portions are quite uneuropean. And when a gourmet like me orders A taste of Star Inn Desserts in Miniature, than there is one word misplaced in this phrase. This "miniature" plate could have served our table of four, maybe even included one of the other groups, but for one overfed tourist this was a bit over the top. The price, 15£, gave unsufficient warning, and the worst thing of it all was that it was so good...so I stood fast...and was rewarded...

 

DSC02973.JPG

 

This dinner costed the four of us together 299 £, drinks at the bar included, and worth every penny. The service was professional and friendly, the environment very nice, and we slept in the rooms at the other side of the road. These were very expensive and far better for a romantic weekend (a bubble bath ! luxury ! seduction !) than for four overfed and slightly drunk friends, but we were compensated by a breakfast that in itself was culinary heaven and one of the best I ever had (hmmmm...maybe the Stein Inn on Skye). A chat with Andrew about food and pubs, his signature in his "Black Pudding and Foie Gras" cookbook, topped it all up and we departed happily (and in for a bit of a walk).

DSC02968.JPG

I love this picture, also taken this evening. It shows how in a top restaurant even a "simple" dish like potatoes and vegetables, something you get in every pub in Britain with your meal, becomes a small work of art. As usual we at first did not touch them, until someone took a bite. They disappeared like a snowman in the Mojave desert...

 

 

 

 

  

 

14:56 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: pub, star inn, michelin, yorkshire, good food |  Facebook |