16-11-11

Off the Beaten Track: de Shipwrights Arms in Oare

Bij het gebruik van de Good Pub Guide is er één ding dat je snel leert: als ze de woordjes "off the beaten track", "rather hard to find" of "the single signpost is hidden behind..."gebruiken dan weet je dat je hard zal mogen zoeken maar ook dat de beloning groot zal zijn. De mooiste pareltjes van pubs liggen vaak op zeer afgelegen plaatsen, in het midden van een steevast zeer mooi nergens.

De Shipwrights Arms, bij Faversham in Kent, is geen uitzondering. De pub ligt op de zuidelijke oever van Oare Creek, ten oosten van het dorp Oare. Er zijn twee manieren om er te geraken: ofwel rijd je komende van Faversham de weg naar Oare op om dan tegenover Dovington School een kleinere weg in te draaien die naar de pub loopt, ofwel kom je van de A2 via de B2045 naar Oare, rijd je het dorp in, draait dan rechtsaf naar Faversham en dan linksaf Ham Road in, ook hier recht tegenover die school. Dan rijd je een vijftal minuten door vlakke polders met schapen, op een erg smalle weg, tot je aan een vervallen uitziende scheepswerf komt. De pub ligt op het uiteinde van de werf. Ze heeft nog de klassieke openingsuren (11-3, 6-11, en op zondag 12-3 en 6-10u30).

Over het gebouw valt aan de buitenkant eigenlijk niet veel te zeggen: witgeschilderde houten planken, achteraan een kleine beer garden met zicht op de kreek, maar binnenin is ze zeer gezellig, met open haarden, een stoof, een rommelige mengeling van tafeltjes en stoelen, boeken om te lezen en een toog met drie grote houten vaten waaruit de guest ales van de week komen. De keuken is traditioneel, met klassiekers als liver & bacon, cumberland sausage, sausage and mash of ploughman's en af en toe een erg lekkere fish pie, maar ze is lekker en stevig. Er komen veel wandelaars langs (als je op zondag hier wat te vroeg bent, stap dan de polders in voor een wandeling langs de kreek!),en de pub is dan ook zeer vriendelijk voor honden (iets minder voor kinderen, die in het bargedeelte niet welkom zijn). 

De real ales in de pub zijn van Goachers, Whitstable of Hopdaemon (favoriet!) of van andere brouwers uit de buurt, met een drietal op houten vat, nog heel klassiek achter de barman gestapeld en getapt met niks meer dan zwaartekracht: kraantje open, glas eronder en klaar, voor mij nog steeds de perfecte manier om een Engels bier te tappen.

Voor ons was dit altijd al een melancholische pint. Aan de ene kant is het heerlijk om hier in een lentezonnetje te zitten met een volle maag en een vol glas terwijl je uitkijkt over de kreek en de polders, langs de andere kant was dit vaak onze laatste halte voor we terugreden, en het vooruitzicht van de rit terug en de ferry naar Frankrijk maakte die laatste pint vaak bitterzoet. 

 

shipwrightsarms.jpg

Niet mijn foto, helaas, wel afkomstig van de voor real ale lovers nogal leuke site www.pubsandbeer.co.uk

 

Indien je in of rond de pub plots wordt overvallen door de stank van verrotting panikeer dan niet. Er is niks fout met de keuken of het sanitair, u bent alleen maar getuige van een paranormaal verschijnsel. Lang, lang geleden, op een kerstavond met veel sneeuw, had de landlord net zijn laatste klanten aan de deur gezet toen hij boven het gehuil van de wind uit gebonk op de deur hoorde. Denkende dat het één van zijn net aan de deur gezette klanten was wiens dorst nog niet over was, besloot hij het eerst te negeren, maar toen het lawaai bleef duren opende hij de raam en riep de nauwelijks te onderscheiden figuur toe dat hij voor man noch duivel de deur opendeed. Terwijl hij in slaap viel stierf het lawaai langzaam uit, en tevreden dat hij die onwelkome "plakker" had weggejaagd gleed hij terug weg naar dromenland. 

De volgende morgen vonden de waard en zijn vrouw het met sneeuw bedekte lijk van een matroos die vlakbij schipbreuk had geleden. Hij was helemaal doorweekt en verkleumd naar de pub gestrompeld om hulp te zoeken, uiteindelijk in elkaar gezakt aan de voordeur en daar doodgevroren. Zijn geest dwaalt nog steeds rond de pub, met een sterke lijkgeur als herkenningsteken. Schol !

 

 

08:18 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: pubs, engeland, kent, faversham, ghosts, real ale |  Facebook |

06-11-11

Crisps for real men !

haggiscrisps.jpg

Ooit was er een tijd dat feestjes ten huize van werden opgeluisterd door brede selecties van de meest krankzinnige smaken chips, persoonlijk of met de hulp van J. geselecteerd in overzeese supermarkten, maar tegenwoordig vind je de meeste ook bij ons. Af en toe komt er nog wel eens een dappere uitzondering voorbijgefietst, zoals deze haggis-flavoured potato crisps. Maar voor de echte helden, zij die dapper de meest vreemde Engelse smaakvoorkeuren trotseren, zijn er ook nog deze...

marmite.jpg

 

07:12 Gepost door Erik De keersmaecker in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: england, marmite, haggis |  Facebook |

29-10-11

Must England's Beauty Perish ? The National Trust

Het is het jaar 1884 en een afstammeling van John Evelyn spreekt met Octavia Hill over het lot van Sayes Court, Evelyn's historische tuin in Oost-London. Octavia begint te zoeken naar een manier om deze tuin te redden en te bewaren voor het nageslacht, en spreekt op haar beurt Robert Hunter aan. Die stelt over om een maatschappij op te richten die zich bezig houdt met "the protection of the public interests in the open spaces of the country". Octavia Hill stelt als naam "the Commons and Garden Trust" voor, waarop Hunter met potlood er de suggestie "National Trust" naast schrijft. Elf jaar later is de National Trust officieel een feit.

 

national_trust.gif

 

De drie mensen die de National Trust oprichtten waren Octavia Hill, Sir Robert Hunter en dominee Hardwicke Rawnsley, Canon of Carlisle. Octavia Hill was al bekend als een voorvechter van betere huisvesting, Sir Robert was actief als juridisch raadgever voor zowel de Commons Preservation Society als het General Post Office, en had ervaring in het oprichten en besturen van liefdadigheidsinstellingen en de dominee was bekend als archeoloog, atleet, journalist en wereldreiziger, stichter van de Lake District Defence Society en bevlogen redenaar. Vanaf het begin stonden ze op de onafhankelijkheid van de overheid en de Trust zorgt ook vandaag nog steeds voor zijn eigen financiering. In 1895, de officiële stichtingsdatum, had de NT 100 leden, en een jaar later kocht ze voor 10£ Alfriston Clergy House in Sussex. Vandaag telt de Trust 3,5 miljoen leden en is het de grootste landeigenaar van Engeland. 1% van alle grond in Engeland, Wales en Noord-Ierland is haar eigendom, en ongeveer 10% van de kustlijn.

 

national-trust-sign-at-port-mulgrave-244121.jpg

 

In 1902 leidde dominee Rawnsley een nationale campagne om Brandelhow in Cumbria, een groot park op de oevers van Derwentwater, te redden van een ontwikkelaar die er een villawijk op wilde bouwen. Hij overtuigde scholieren en arbeiders, princessen en rijke industriëlen om geld te geven. Eén van de donoren schonk 2 shilling en stak er een briefje bij: I am a working man and cannot afford more than 2/- but once I saw Derwentwater and can never forget it.

In 1907 slaagde Sir Robert er in om de National Trust Act te doen goedkeuren. Het verleende aan de Trust rechtspersoonlijkheid maar, en dat was het belangrijkste, het verleende de Trust het recht om zijn land en wat er op stond "onvervreemdbaar" te maken. Dit wil zeggen dat het nooit kan worden verkocht, gehypothekeerd of onteigend, en het verzekert de schenkers dat het huis of het landschap dat ze schenken voor de eeuwigheid bewaard zal blijven. Er zijn veel buitenlanders die de National Trust vooral kennen als conservator van grote huizen en tuinen, maar haar rol in het behouden van het Engelse landschap is immens. Veel van de prachtige plekken die de Trust beheert waren voorheen vergeven van de kraampjes, café's en vakantieverblijven en werden na de verwerving opgekuist om er terug zo ongerept als vandaag uit te zien.

1937 zag de publicatie van een tweede National Trust Act. Die stelde de Trust in staat om landhuizen te krijgen, vergezeld van land of kapitaal dat moest zorgen voor het onderhoud erven, en verzekerde dat deze schenkingen niet belast werden. De trust had nu bijna 7000 leden. In 1940 schonk Lord Lothian, de grote voorvechter van deze Act, zijn eigen landhuis, Blickling Hall, ter beschikking. Een extreme verhoging van de successierechten, veel zwaardere belastingen en de enorm toegenomen kost van arbeid zorgde ervoor dat vele grote oude families begonnen te beseffen dat er een moment zou komen dat hun familie het landhuis niet meer zou kunnen onderhouden. Toen na de oorlog een paar bekende domeinen moesten verkocht worden om de schulden te delven werden ze gestript, van de inboedel, de monumentale schouwen, tot het lood op de daken toe, en werden eeuwenoude parken in een paar weken neergelegd door houthandelaars. Om dit te vermijden schonken meer en meer families hun eigendom aan de Trust, altijd vergezeld trouwens van een tweede schenking, in geld of land, om het te onderhouden, en kregen ervoor in ruil het recht om er tot het einde van hun familie te blijven wonen. Toen de regering ook nog besloot dat ze voortaan zou toelaten dat de adel zijn erfrechten betaalde door hun landhuis te schenken, kreeg de Trust op korte tijd een 60tal nieuwe eigendommen.

 

knole_park_deer_600x.jpg

Knole Park

 

In 1965 lanceerde de Trust Operation Neptune, en tegen 1988 bezat de Trust 500 mijl van Engeland's mooiste kust, en één van de leukste dingen die je in Engeland kan doen op momenten dat de andere monumenten al gesloten zijn, en u nog wat te vroeg bent voor pub of bed and breakfast, is naar zo'n stuk rijden (er zijn geen openingsuren) en te genieten van het uitzicht, dat vaak spectaculair is, en op zijn mooist tegen valavond.

Vandaag heeft de National Trust echter een nieuw probleem. Haar kerntaak is het redden en bewaren van land en tuin en huis voor het grote publiek, preservation and access, maar vadaag is de Trust zo populair geworden dat ze bijna bezwijkt onder haar eigen succes. Sheffield Park, in Sussex, ontvangt in een normale zomer 120.000 bezoekers, soms met 4000 op een enkele namiddag, en geen grasveld of pad overleeft zo'n invasie voor lange tijd. De Trust heeft lang geworsteld met dit probleem en heeft in plaats van het kiezen voor hogere toegangsprijzen of lange periodes van sluiting gekozen voor een aantal alternatieven. Extreem populaire bestemmingen als Sissinghurst werken met een systeem van tijdtickets (je koopt een ticket, en dat ticket vermeld het uur waarop je de tuin in mag, zodat er nooit meer dan een bepaald aantal rondloopt). Eén van de andere truukjes is het verplaatsen van parkings, zodat de bezoekers een ander pad moeten volgen, en de oude de tijd krijgen om te herstellen, en één van de eenvoudigste, en vind ik, de leukste, is door ze min of meer te verstoppen. Enkele van de mooiste zijn zo spaarzaam aangeduid dat je ze echt moet zoeken, en alleen wie die moeite doet, en gewapend met kaart en soms zelfs stafkaart er naar op zoek gaat kan er genieten van de eenzaamheid en de stilte.

Het lidmaatschap van de National Trust kan duur lijken, maar zeker indien u wat langer in Engeland verblijft is het snel terugverdiend. U krijgt er heel wat voor terug, en zeker met een family membership komt u zelfs goedkoper uit. Ook hun winkels vormen een alternatieve manier van sponsoring, en ik kan u ondermeer de garden tools aanraden, of de keukenwanten (de beste die ik ken!). En wat ik persoonlijk nog het leukst vind, u krijgt ook een autosticker die aanduidt dat u lid bent, en zo kan u ook in België de andere leden herkennen...

 

19:36 Gepost door Erik De keersmaecker in Blog, Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: engeland, national trust |  Facebook |